Cammino di Francesco 2009

Franciscaanse voettocht.

 

 

 

 

 

 

 

Ihet voetspoor van Franciscus.

 

Pelgrimstocht van Fiesole naar Assisi.

 

Donderdag 21 mei:             Maastricht-Fiesole

Vrijdag 22 mei:                    Florence

Zaterdag  23 mei:             Fiesole-Vallombroso   30 km

Zondagdag 24mei:              Vallombroso-Stia   30 km

Maandag 25 mei:                Stia-Camaldoli   15 km

Dinsdag 26 mei:                  Camaldoli-Badia Prataglia   12 km

Woensdag 27 mei:              Badia Prataglia-La Verna:   20 km

Donderdag 28mei:              La Verna-Cerbaiolo/Dormitorio  25 km

Vrijdag 29mei:                      Rustdag

Zaterdag 30 mei:                 Cerbaiolo/Dormitorio-Kluizenarij Monte Casale 30 km

Zondag 31 mei:                    Kluizenarij Monte Casale-Bocca Serriola 29 km

Maandag  1 juni:                  Bocca Serriola-S.Maria di Burano 28 km

Dinsdag 2 juni:                    S.Maria di Burano-Gubbio 23 km

Woensdag 3 juni:                Gubbio-San Pietro in Vigneto 24 km

Donderdag 4 juni:               San Pietro in Vigneto-Assisi  28 km

Vrijdag 5 juni:                      Assisi 

Zaterdag 6 juni:                   Assisi-Milaan

Zondag 7 juni:                      Milaan-Maastricht

 

Verzamelen in Maastricht.

Convento San Francesco in Fiesole
Convento San Francesco in Fiesole

Donderdag/Vrijdag 21-22 mei 2009.

 

Vandaag is het dan zover. De dag van vertrek voor een voettocht naar Assisi. Rond 15.00 u worden we verwacht in de pastorie van de Franciscaan Mattie Jeukens. Hij is pastor in de O.L.V van Lourdes kerk in Maastricht. Ook de grote organisator van deze wandeltocht: "in het voetspoor van Franciscus". Al vele jaren organiseert de SFV (stichting Franciscaanse voettochten)  deze wandeltochten in Italië. Na kennis te hebben gemaakt met de mede wandelaars, worden eerst de 2 busjes geladen. Hierna gaan we aan tafel voor een gezamelijke warme maaltijd. Deze is al eerder klaargemaakt door Jo en Lies. Zij zullen tijdens onze tocht voor ons koken. Na de maaltijd mogen de mannen de afwas doen, waar we dan ook zo mee gespeeld hebben. Om 17.15 u is het vertrek. Er zal bij toerbeurt door 3 chauffeurs per busje gereden worden. De eerste uren zitten ze dan ook naast elkaar voor in het busje. Via België, Luxemburg en Frankrijk zijn we om 23.30 u in Basel aan de Zwitserse grens. Dit stuk met een enkele pauze er in is lekker flink opgeschoten. Mede ook door het weinige verkeer op de weg. Achter Basel komen we in een verschrikkelijk noodweer terecht. Enorme stortbuien, dikke hagelstenen, onweer, grijs en donker maakt het voor onze chauffeuse Marina niet erg gemakkelijk. Maar ze doet het uitstekend in deze gevaarlijke situatie. Na 20 minuten hebben we het ergste gehad. Wel blijft het nog regenen. Als we eenmaal door de Gotthardtunnel zijn, is het weer gelukkig beter. Zwitserland uit en Italië in gaat in een rap tempo. Na nog enkele stops parkeren onze chauffeurs de busjes om 07.30 u op de Piazza Michelangelo in Florence. 

 

 

Vanaf dit punt heb je een prachtig uitzicht over de stad Florence welke een stuk lager ligt. Matti neemt ons mee naar enkele belangrijke bezienswaardigheden. Maar als we onder de stad in lopen, zoeken we eerst een barretje op voor een lekkere bak koffie. Het is tenslotte nog vroeg. Op het toilet verfris ik me even, dit voelt lekker. Dan gaan we op pad. Ondanks het vroege uur is het al behoorlijk druk. Hier zullen we ook Jo en Lies ontmoeten. Zij zijn met het vliegtuig en al een paar dagen hier. We bezoeken o.a. het museo dell' Opera di Santa Croce. Indrukwekkend. Om 13.00 u worden we verwacht in de Convento San Francesco in Fiesole. Een plaatsje dat tegen Florence aan ligt. Hier zullen we overnachten, en morgen beginnen aan onze eerste loopdag. Hartelijk worden we ontvangen door enkele jeugdige Franciscanen. Hier is een apart gastenverblijf, waar wel vaker groepen komen. Op de bovenste etage krijgen we 3 kamers aangewezen met in totaal 20 bedden. Ook mag je buiten in de logio/patio slapen als je wilt. Ik kies toch voor een lekker bed met schone lakens en een kussen. Dit na een hele nacht reizen zal zeker geen kwaad doen. Er zijn 3 douches en 6 toiletten. Ik zet mijn spullen bij het bed en ga dan lekker douchen. Hierna loop ik nog wat rond bij de Convento. Een heel imposant complex. Er schijnt ook een soort bejaardenhuis te zijn voor paters en zusters. Om 19.00 u kunnen we aan tafel voor het avondeten. Jo en Lies hebben gezorgd voor een heerlijke nasi en een salade met gebakkenchampignons met nootjes. Vanavond laat ook Loek zijn talenten voor het eerst zien. Hij zingt een leuk stuk: onze Willem, rooie fik. Na het avondeten wordt de dag nog doorgenomen en er wordt een schrift bijgehouden, voor de afwas, het ontbijt, de dagopening, de laatste loper etc.etc.

Ja alles wordt samen gedaan, iets waar ik nog aan zal moeten wennen. Om 21.30 u lig ik in bed.   

Fiesole - Vallombroso 31 km.

Zaterdag 23 mei 2009.

 

Heerlijk heb ik vannacht geslapen. Goed bed met een goede matras. Ook voel ik mij vrij fit, ondanks het gebrek  van een nachtrust. Nadat ik mij gewassen heb, pak ik mijn tas in en zet deze vast bij het busje neer. Dit wordt een vast ritueel iedere morgen voor het ontbijt. Om 05.45 u zitten we aan het ontbijt. De tafel is keurig gedekt en de koffie ruikt heerlijk. Ik heb mijn eigen brood bij me omdat ik een glutenvrij dieet heb. Dit is speciaal houdbaar brood. Iedere dag een half pak voor het ontbijt en lunch onderweg. Het ontbijt wordt geopend door samen een lied te zingen en enkele woorden door Matti. Eerst smeer ik mijn lunchpakket en stop dit vast in mijn dagrugzak. Als we klaar zijn met het ontbijt, wordt alles afgewassen, ingepakt en wordt de complete keuken ook in het busje geladen. Om 06.50 u staan we in een kring op de binnenplaats van het klooster voor de dagopening. In het midden van ons een brandende kaars. De dagopening doet vanmorgen Paula. Zij brengt een gedicht over de “natuur”. Ook dit wordt een vast ritueel iedere morgen. Klokslag 07.00 u zijn we op pad naar Vallombrosa. We lopen door de hoofdingang van het klooster omlaag, met nog een prachtig uitzicht op Florence. Via enkele straatjes in Fiesole steken we een plein schuin over richting kerkje. Hier is ook onze eerste markering te vinden: Route CAI-FI-2. Deze volgen we een stuk. Dan gaan we rechts via een smal pad het bos in. Hier begint de klim naar de bergkam. Deze is heel pittig en erg inspannend. Onderweg houden we een korte stop. Als we boven aankomen, worden we getrakteerd op een prachtig uitzicht. We lopen een stuk over de kam en gaan dan over op de rood-witte Route-1. Deze gaat richting Settignano. Via mooie paden, deels verhard, vervolgen we onze weg. Langzaam dalend om uiteindelijk te komen bij het stationnetje van Compiobbi. Hier nemen we de trein om een stuk van 7 km langs een drukke weg niet te hoeven te lopen.

 

We arriveren hier al om 10.00 u. De trein gaat pas om 10.59 u. Matti pakt eerst de kaarten uit de automaat en dan is het tijd voor een bak koffie bij het barretje op de hoek. Als het 10.45 u is lopen we terug naar het station. De trein is stipt op tijd en 10 minuten later stappen we in Pontassieve uit. We lopen door dit stadje heen en komen uit op een drukke verkeersweg. Bij een groot kruispunt steken we over en gaan rechts omlaag een zandpad in waar een fruitventer staat. Hier houden we pauze in een wei, omdat ook Jo en Lies hier met het busje zullen komen. Het is 11.45 u en behoorlijk warm. Bij de fruitventer worden 2 bakken heerlijke kersen gekocht. Als Jo en Lies arriveren, worden er nog nectarines en fris water uitgedeeld. Om 12.45 u gaan we verder. We lopen door deze wei parallel aan de hoofdweg. Dan houdt de wei op en moeten we het talud opkruipen naar de hoofdweg. Deze volgen we nu een stuk en dit is niet prettig lopen. Voor Massolina buigen we linksaf een grindpad in richting bos. Hier in het bos is het duidelijk een pad zoeken. En gaat het maar weer eens flink bergop. Alles is dicht gegroeid. Ook wordt er een beroep gedaan op onze snoeischaren. (Geert en ik hebben volgens afspraak  een snoeischaar meegenomen.) Ik twijfel eraan of dit wel het juiste pad is!!  Als we ergens boven aankomen houden we een korte stop. Het is bloedheet en mijn flessen water zijn bijna op. We lopen verder door het bos en dan over grind-en asfaltwegen via Paterno en Isolavacchio richting Molino di Tosi. Het is zwaar. Via steile trappen en wegen komen we tenslotte bij een barretje annex kruidenier in Molina di Tosi. Dit is een slopend stuk geweest. Ik bestel een klein flesje bier. Wat is dit heerlijk!... Es of un ingelke euver mien tong pies….Ik laat het wel bij dit ene biertje, want het zijn toch nog 7 km naar Vallombrosa. Ook koop ik nog 2 flessen aqua. Lekker koud uit de koeling. Als het 16.45 u is, pakken we ons op en gaan verder richting de abdij van Vallombrosa waar we zullen overnachten. Wat we de laatste km voor onze pauze omlaag hebben gelopen, moeten we nu weer omhoog. Vanaf de bar lopen we wat terug om daar het pad door het bos te nemen naar de abdij. Op een route - aanduiding van de CAI staat nog 1.15 u naar Vallombrosa. Ook dit pad gaat weer behoorlijk bergop. Uiteindelijk dalen we een stuk af over een pad bezaaid met dikke keien.

 

 Als we dan op de asfaltweg uitkomen is het nog een lang recht stuk naar de abdij. De abdij ligt in het bosrijke berglandschap van de Pratomagno. Het is een mooie laan met bomen, wel gaat de weg iets bergop. We lopen nu over de Via San Benedetto. In de verte zien we aan het einde van de weg de ingang van de abdij al liggen. Inmiddels is het 17.45u. De klokken van de abdijkerk beginnen te luiden. Nou ja, het zal toch niet voor ons zijn. Of weten ze dat wij eraan komen. Het geeft in elk geval iets speciaals. Om 5 voor zes zitten we in de kerk. Om 18.00u is er een professiemis. Matti regelt nog vlug dat we een lied kunnen zingen in de volle kerk. Heel indrukwekkend is dit. Voordat de H.mis begint zijn we weer de kerk uit. Snel zoeken we onze slaapplaats op binnen de abdij. Als ik mij een bed heb uitgezocht, ga ik snel even douchen. Heerlijk na deze lange en warme dag. Om 19.00 u kunnen we aan tafel voor het avondeten. Jo en Lies hebben weer gezorgd voor een heerlijk etentje. Meloen met prosciutto. Zomerstamppot met veldsla, spekjes en tomaatjes en een lekkere worst. Als toetje, yoghurt met aardbeien. Het smaakt weer voortreffelijk. Na het eten zingt Loek nog een stuk genaamd: de straatzanger. Heel mooi gebracht. Dan volgt nog de evaluatie van de dag en het verslag van de “laatste loper” Paula. Als Matti vraagt wie morgen de “laatste loper” wil zijn, geef ik aan dat ik dit wel wil doen. Met afwassen mag ik nog mee helpen. Dan bel ik Thea nog even en lig ik op tijd in bed.  

 

 

 

Vallombroso - Stia 30 km.

Onderweg naar Stia
Onderweg naar Stia

Zondag 24 mei 2009.

 

 

Om 05.00 uur is het weer reveille. Snel een kattenwasje, tassen inpakken, busje laden, ontbijten. Dit zal ongetwijfeld wel het dagelijks terugkerend ochtendritueel  worden. Het is 06.50 uur als we buiten staan voor de dagopening. Deze  wordt  verzorgd door Nico. Hij leest het gedicht “Geluk” voor.

Vandaag is het mijn taak om als “laatste loper”  te fungeren.  

Om 07.00 uur zijn we op weg naar Stia. Het beloofd weer een zware tocht te worden: veel bergie op, bergie af  en het wordt behoorlijk warm.

Het begin is er dan ook naar. Via veel trappen steil omhoog. Halverwege deze trappen werpen  we nog een laatste blik op de abdij waar we vannacht hebben geslapen. Deze abdij ligt heel idyllisch in het bosrijke berglandschap van de Pratomagno.

Aan het einde van de trappen gaat er een pad erg steil omhoog door het bos. Een pad kun je het eigenlijk  niet noemen, het is meer een waterloop met veel stenen. Het is zwaar, je merkt het aan iedereen. Het is stil in het bos. Enkel gepuf en gekraak van dorre takken en bladeren begeleiden ons naar boven. Als laatste loper heb ik hier een mooi zicht op. In een gestaag tempo lopen we door en zijn we na 1.15 uur boven bij de zendmasten. Een eerste pittige klim ligt achter ons. We zijn blij te zien dat hier een bar-ristorante is, maar helaas………Chiuso!!!!!!!!. Toch houden we even een korte stop.

Hierna gaat het richting Monte Consuma, met ook nu weer veel klimmen en dalen. Als we aankomen bij de blokhut, waar een geplande stop is, wacht ons een verrassing: Jo en Lies serveren …………PIZZA!!!!!!!!! Zo lekker!!

Ook Marije pakt hier de tocht weer  op. Dan gaan we verder. Een lang en zwaar stuk ligt nog voor ons. Onderweg stoppen we regelmatig. Dat is ook nodig om weer krachten te kunnen verzamelen. Soms bij een bron voor een heerlijk, natuurlijke verfrissing. Het is inmiddels erg warm geworden. Het schaduwrijke bos geeft enigszins verkoeling, maar in de volle zon is het bloedheet.

 

 

Door een sanitaire stop van Marina raak ik het zicht op de groep kwijt. En dan bewijst het fluitje zijn dienst: ftttttt  en in een mum van tijd is de groep weer bij elkaar. In Castelcastagnaio  nemen we nog een pauze. Volgens Matti is het dan nog 1.5 à 2 uur naar Stia. Loek zit met zijn hoofd tegen een paal. Zijn hoed heeft een rustplaatsje bovenop de paal, maar zelf  zit hij “voor paal”. Blijkbaar voelt hij zich nog fit genoeg, want hij wil ook nog wel paaldansen!!  Als we weer onderweg zijn, gaat de telefoon. De koks zitten zonder gas. Volgens Matti, die de fles heeft laten keuren en wegen op de hoeveelheid gas, is dit onmogelijk. Maar wat nu, het is zondag dus…  Maar Lies en Jo zouden Lies en Jo niet zijn als ze hier geen oplossing voor zouden vinden!! We wachten met spanning af! Na nog een pittige weg, komen we omstreeks 16.30 uur aan in Stia. Een lekker koud pilsje is wel verdiend. Maar…..Matti dirigeert ons toch eerst naar de kerk. Nadat we enkele mooie liederen hebben gezongen, is er nog een weg…. En wel naar het terras van de bar tegen over de kerk. Dorstige kelen worden goed gesmeerd. Als we opstaan om naar ons overnachtingadres te gaan, tel ik mijn “schaapjes”. Tel ik er nu meer??? of…..ligt het aan de pils??? Nee gelukkig, we zijn compleet.

We slapen in het schooltje van de nonnen. Primitief maar we hebben een dak boven ons hoofd. En dan…. Krijgen we wel wat te eten?? Na dat verontrustende telefoontje van vanmiddag zijn we toch wel erg benieuwd. Maar toch  is het Lies en Jo gelukt een voortreffelijke maaltijd te bereiden. Prikkers met mozzarella en tomaat. Heerlijke tortollini met champignons en rucola salade. En zeg nou zelf: wie had anders verwacht??? Ook treed onze troubadour Loek weer op, dit maal met een stuk over de: vrolijke forel. Heel leuk hoe Loek dit brengt.

Na het avondeten, bij het evalueren van de dag, doe ik mijn verslag als “laatste loper”. En na een zeer enerverende dag, zoek ik weer tijdig mijn nestje op.

Stia - Camaldoli

Sacro Eremo kluizenarij en Monastero di Camoldoli slaapplek
Sacro Eremo kluizenarij en Monastero di Camoldoli slaapplek

Maandag 25 Mei 2009.

 

Vandaag een vrij korte etappe. Dus niet zo vroeg op ….05.30 u. Na de gebruikelijke vaste  rituelen van elke dag, staan we op 06.50 u klaar voor de dagopening door Tom. De zon laat zich al vroeg zien. Een voorteken!!  Om 7 uur vertrekken we vanaf onze slaapplaats,  het schooltje bij het nonnenklooster. Een tegenvaller vandaag: Marije gaat niet meer mee. Ze heeft teveel last van haar knie. Stia is een aardige plaatsje aan de voet van de Monte Falterona. We volgen eerst een drukke weg richting Pratovecchio. Als we om kwart over 8 op de Piazza Paolo Uccello  aankomen is het tijd voor een eerste bak koffie. We hebben lekker de tijd vandaag en….. een lekkere cappuccino gaat er dan wel in. Genietend bij de fontein op de Piazza. Ook sla ik nog 2 flessen fris aqua in. Ja, je weet het maar nooit. Het zonnetje is al lekker warm. Als we weer opstappen lopen we eerst een stuk langs het  riviertje. Nou ja riviertje! Het is eigenlijk niet meer dan een smal beekje. Steken dit een paar maal over via een bruggetje. Dan gaat het links omhoog het bos in. Een pittige klim, maar lekker in de schaduw en niet zo lang. Als we boven zijn, gaat het via een steenachtig bospad omlaag naar een beek. Hier moeten we maar proberen overheen te komen zonder natte voeten te krijgen. Wat overigens aardig lukt. Iets verderop een tweede beek welke we over moeten. Ook dit geeft geen probleem. Uiteindelijk  komen we op een verkeersweg uit welke we schuin oversteken naar een stijgend bospad. Hier begint ook de rood-wit gemarkeerde Cai-route 76. De La via Dei Legni. Hier  zullen we vandaag gebruik van maken. Onderweg  hebben we mooie vergezichten. Als we langs het kerkhof lopen zijn we dichtbij de bewoonde wereld. Via een asfaltweg lopen we Casalino binnen. Een klein dorpje. Op het dorpsplein bij  de waterbak houden we pauze. Effe lekker opfrissen. Dit doet wonderen. Lekker genietend van het zonnetje op een bankje, krijgen  we  gezelschap van enkele bejaarde  inwoners. Dit zien ze hier zeker niet zo vaak, zoveel vreemde mensen. Als we vertellen dat we onderweg naar Assisi zijn en uit Olanda komen, wordt het een gesnater van jewelste. Ik versta er geen ene bal van. Alleen “molti del sole”  en wijzen naar de lucht. Het kerkje aan het plein is open. Voordat we verder gaan zingen we er nog 3 liedjes. Dit is toch steeds weer fijn. We lopen Casalino uit en steken een verkeersweg over. Links aanhoudend  kruisen we een pad met de wegwijzer Giogo Secchieta.

 

Hier begint weer een fikse stijging naar boven. We bevinden ons nu in het Nationaal park  van de Casentino. Zeven maal zo groot als ons Nationaal park de Hoge Veluwe. Langs ons pad staan stenen schuilhutjes, waar we gelukkig geen gebruik van hoeven te maken. Als we boven zijn hebben we weer een magnifiek uitzicht. Prachtig bloeiende brem in overvloed. Hier lopen we enige tijd door een open vlakte. Ook staat hier de eerste aanduiding van de Sacro Eremo. Dan stijgen we verder door een prachtig berkenbos. Het is warm en ik ben blij als we boven zijn. Hier wordt gepauzeerd. Ik eet mijn laatste boterham op. Ook neem ik een energiereep. Mijn bloedsuikerspiegel is aan de lage kant.Vanaf dit punt is het een lange afdaling naar het bruggetje beneden. Deze afdaling kan iedereen op eigen gelegenheid doen verteld Matti ons. Alle paden links en rechts negeren. Als ik  me weer een beetje fit voel ga ik omlaag, alleen. Het is werkelijk een prachtig pad. Alsmaar dalend tussen statige bomen en over een dik pak bladeren, kom ik onder aan bij het bruggetje over de rivier aan de asfaltweg. Hier zitten Paula, Nico en Wim al.Volgens afspraak wordt hier op elkaar gewacht. Als we weer compleet zijn gaan we verder richting Sacro Eremo (kluizenarij). Het is nog ongeveer 20 minuten lopen. Als we om 14.00 u arriveren is nog alles gesloten. Op het informatiebord staat dat om 15.00 u. de kerk,  behorende bij de kluizenarij  en de winkel open gaan. Wel is het barretje open. Ik neem een bakje koffie en ga buiten onder een boom zitten. Mijn schoenen gaan ook uit. Wat een zalig gevoel aan mijn voetjes. Ik lees wat in het boek dat ik bij me heb: In de voetsporen van Franciscus. Als om 15.00 u de deur open gaat, gaan we samen naar binnen. De kerk is mooi van binnen. Een barok interieur,  wat weelderig gedecoreerd is met verguld stucwerk.  Het hele plafondgewelf  is een groot schilderij. Ook zingen we weer enkele liedjes. Het valt mij op dat alles nog in zo’n goede staat is. Dan ga ik naar buiten en loop naar het grote  hek toe .Hier  achter bevindt zich de kluizenarij.

 

Allemaal klein “kluisjes”. Franciscus verbleef  hier in de 1kluis links. Gesticht werd deze kluizenarij in 1023 en ligt in het dichte bos van de Appennino Casentinese op 1100 meter hoogte. Vandaag de dag staan er 20 keurig in rijen gerangschikte kluisjes, welke nog steeds dienst doen als monnikscellen. Alles achter een groot hek, hermetisch afgesloten van de buitenwereld. Om half  vier stappen we op. Via een oude antieke Romeinse weg dalen we af naar ons overnachtingadres  Monastero di Camaldoli. Dit is nog een  half uurtje lopen. Als we aankomen kijk ik eerst uit naar een slaapplaats. We kunnen hier op de binnenplaats in de openlucht slapen, op ons slaapmatje. Maar ik vind  in een hoekje toch een beschutte  plaats voor de nacht. Ik rol mijn zelfopblaasbaar matje uit en leg daarop alvast mijn slaapzak neer. Dan ga ik lekker douchen, want die zijn er wel. Voor het avondeten draagt Matti nog een H.Mis op in het  kleine kapelletje van het klooster. Heel mooi. Hierna schuiven we aan  tafel. Jo en Lies hebben weer heerlijk gekookt vandaag. Venkelstamppot met worst en rode bietensalade  en een puddingtoetje na. Ook was er nog tortellini over van gisteren. Natuurlijk heeft Loek ook voor vanavond een leuk stuk  voor ons in petto n.l  “het Maastrichts sjansonneke”. Na het eten wordt de dag nog doorgenomen en verteld de  “laatste loper”  zijn belevenissen van deze dag. Hierna is het opruimen, afwassen en om 21.00u lig ik ergens in een hoekje op de grond te wachten tot het zandmanneke komt. En volgens mij was hij er zo. Vandaag wel een blaar gelopen, mijn bril verloren en de gsm gemold.

 

Camaldoli - Badia Prataglia

Ons doel voor morgen, De berg La Verna op de achtergrond. Verschillende routewijzers.
Ons doel voor morgen, De berg La Verna op de achtergrond. Verschillende routewijzers.

Dinsdag 26 mei 2009.

  

Ondanks dat we een hele korte route hebben is het weer vroeg dag vandaag. Zoals iedere morgen worden we ook nu weer om 05.00u. gewekt door Nico. Ik heb niet goed geslapen vannacht. De harde ondergrond is niet mijn ding. Toch heeft deze slaapplaats iets, hier op de binnenplaats van het monasterio. Misschien is het wel de sterrenhemel. Wie weet. Als ik mijn matje en slaapzak  heb opgerold en ingepakt, ga ik mij lekker wassen. Het ijskoude water doet wonderen vanmorgen. Ik voel me weer een hele vent. Ik breng mijn tas naar het busje en om 06.00u zitten we aan het ontbijt. Voor mijn lunchpakket neem ik de helft minder  dan gebruikelijk. Ook worden er  nog bananen uitgedeeld. Zo te horen heeft iedereen er wel zin in. Het beloofd ook vandaag weer een zonnige dag te worden. Als na het ontbijt alles is afgewassen en ingepakt is, staan we om .07.00u op de binnenplaats voor de dagopening door Marije. Tien over zeven zijn we weer op pad. We gaan eerst terug richting het dorpje.

 

 

Bij het fonteintje vul ik mijn drinkflessen met fris drinkwater. Als we de brug over zijn nemen we bij een wegwijzer een bospad naar boven. Vandaag volgen we de rood-wit gemarkeerde Cai-route 72 tot in Badia Prataglia. Het is weer een pittige klim. Maar dat zijn ze allemaal. Op en neer en op en neer, steeds weer. Ook heb je een mooi uitzicht op het klooster waar we geslapen hebben. Onderweg naar boven zien we herten en een wildzwijn met jonkies. Als we al een dik uur aan het klimmen zijn, komen we uit bij de “Refuge Cotozzo” op 1075 meter. Het is een primitief onderkomen. Hier pakken we een korte pauze. Ook staan hier verschillende wegwijzers. Mijn oog valt op een groen-wit pijltje met aan het eind het Tau-teken op een van de wegwijzers. Matti zegt dat dit waarschijnlijk door een Nederlander is aangebracht. We vervolgen onze tocht over het pad richting “Poggio Tre Confini”. We lopen nu op hoogte, meer op vals plat.

 

 

Anderhalf uur lopen we door en dan is het tijd voor een grote pauze. Schoenen uit en een lekker plaatsje onder een boom in de schaduw, heerlijk. Eerst prik ik mijn bloedsuikerspiegel. Dit doe ik iedere dag regelmatig. Het valt mij op dat ondanks de zware inspanningen de glucosewaarde  in mijn bloed nog steeds goed is. Houden zo. Ik ga er al meer in geloven dat de energierepen die ik mee heb genomen hun werk goed doen.  

Deze bevatten kort-en langwerkende koolhydraten. En dat is precies wat ik nodig heb. Na deze pauze is het nog 3 kwartier lopen. Na een bergstroompje laten we dit pad links liggen en gaan behoorlijk  omlaag  op de Cai-route 72 richting Badia Prataglia. Dwars door een veld met varens. Uiteindelijk komen we op de asfaltweg uit en zien het dorpje al liggen. Om half twaalf zijn we er. Heerlijk de hele middag voor ons zelf. Natuurlijk eerst naar de kerk met zijn Romaans uiterlijk. Ook hier zingen we weer een 3-tal liederen. Onze slaapplek ligt vast aan de kerk. Het is een ruimte van de A.V.I.S. Maar het is ook weer behelpen, want het is eng hier. Ook zullen we weer op de grond moeten slapen. Eerst was ik wat spullen uit. Met deze zon is dit natuurlijk snel droog. Omstreeks 15.00u ga ik met enkele medewandelaars een lekkere pils vatten. Wat kan die toch lekker zijn. Carolien geeft mij haar gsm om Thea te bellen. Ik had bij mijn gsm gisteren vergeten de toetsblokkering aan te zetten. Zo gebeurde het dat  3 keer de verkeerde pincode werd gebruikt.  Alleen weer in te stellen met de puckcode. Gelukkig kon Thea deze thuis terug vinden en had ik mijn toestel weer zo aan de praat. Op het terras wordt de groep alsmaar groter. Je merkt  dat deze korte route vandaag goed doet bij iedereen. Kunnen we ons opladen voor de tocht morgen naar La Verna. De berg die we al dagen zien, maar nu steeds dichterbij komt. Om vijf uur ga ik nog even naar de farmacia. Ik kijk voor wat fixo-mull en spray voor tegen de muggen. Om half zeven is het avondeten. Groene aspergesoep, pasta met zalm en tonijn en selderijsalade. Weer voortreffelijk bereid door Jo en Lies. Ik zie dat Loek wat in zijn papieren zit te rommelen en voila, hij verrast ons met een leuk verhaal: Onze lieve Heer en de koei. Als de dagsluiting is geweest, de "laatste loper" zijn verhaal heeft verteld en alles is opgeruimd ga ik mijn matje maar weer uitrollen zodat deze zich kan vullen met lucht. Om half tien lig ik plat, hopelijk slaap ik vannacht wel goed.

Badia Prataglia - La Verna

Woensdag 27 mei 2009.

Reveille om 05.00u. Ja, nadenken hoef je het eerste uur niet. Het zijn de gebruikelijke rituelen en die wennen snel. Voordat we aan het ontbijt beginnen, wordt er eerst voor Lies gezongen. Zij viert vandaag haar verjaardag. Leven is er genoeg aan tafel. Wat zo’n korte route van gisteren wel niet doet. Als na het ontbijt alles opgeruimd en ingepakt is, staan we om tien voor zeven buiten voor de dagopening door Matti. Om zeven uur zijn we weg, uitgezwaaid  door Jo en Lies. Vandaag is de route niet zo heel lang, maar het belooft wel een pittige te zijn. Tegenover Albergo  Giardino begint de rood-wit gemarkeerde  Cai-route 73 weer. Deze  zullen we volgen tot Frassineta wat 1,5 tot 2 uur lopen is. We lopen door de Via Eden naar beneden en gaan dan links richting  ‘LL Romito. Verderop steken we een brug over en gaan dan rechts naar boven. Wat volgt is een behoorlijke pittige klim richting Frassineta. Als we boven zijn zien we in de verte ons einddoel al liggen: De berg La Verna. Maar als ik het zo inschat is het nog een flink stuk  en zo te zien ….. bergie op en  bergie af. Ook nu weer prachtige vergezichten en veel bloeiende brem. Vandaag weer een lekker zonnetje. Om half negen zijn we in Frassineta. Hier boven staat een klein kapelletje  met ernaast een klok. Heel bescheiden luiden we de klok. Het kapelletje  met de klok waken over het dal. Iets verderop bij de grote kerk kijken we van boven af  het dal in. Werkelijk een fantastisch  uitzicht heb je hier. Zo’n plek loop je niet zo zomaar voorbij.  We nemen dan ook een ruime pauze. Ik zoek een lekker plekje onder een boom, waar ik een  mooi uitzicht over het dal heb. Carolien en Marian  komen bij me zitten. Samen kletsen we heel wat af. Na een pauze van 30 min. gaan we verder. De afspraak die vanmorgen is gemaakt, zegt ons dat we om half drie boven op La Verna willen zijn. Om 15.00u is n.l. de processie wat voor Matti als Franciscaan belangrijk  is. Deze processie is elke dag om 15.00u. Via wat vals plat gaat het pad dalend naar Rimbocchi over de Cai-route 70. Verderop staat een route- aanduiding: Rimbocchi ore 0.50. ( dus nog 50 minuten te gaan)

 

Op deze route -aanduiding staat ook weer het groene pijltje met het Tau- teken. Het pad gaat hier flink omlaag. Als we om 10.15u in Rimbocchi aankomen, staan Jo en Lies ons op te wachten met een heerlijke notentaart. Dit ter ere van haar verjaardag. Gluten of geen gluten, maar dit ziet er lekker uit dus…..smullen maar. Hier pauzeren we ook. Ik doe mijn wandelschoenen  uit en ga omlaag naar de beek. Dan de kousen  uit en pootjebaden. Heerlijk……wat een genot!!  Dit onder een stralend warm zonnetje. Als we opstappen, verlaten we dit dorp in zuid-oostelijke richting en steken verderop een voorrangsweg over. Hier staat ook een paaltje met de markering:  Cai-route 053. Dit is de route die we volgen tot op de berg La Verna. Hier ligt het  Santuario Francescano Convento della Verna*. Onze slaapplaats  voor vannacht. We dalen verder  naar een beekje dat we via grote stenen kunnen oversteken. Iets verderop staat een wegwijzer naar Chiusi della Verna. We nemen het linkerpad van onze route 053. Hier begint  een stevige klim naar de Poggio Montòpoli. Gelukkig lopen we hier veel in de schaduw. Het pad is ook niet al te goed. Links en rechts van ons veel rotsblokken. Maar we hebben er goed de tred in. Boven aangekomen hebben we een view  van 360 graden, geweldig. La Verna is nu wel heel dichtbij gekomen. Verderop steken we een asfaltweg over en nemen een oud pad gemerkt met 053 door een oud bos. Dit pad voert ons na 1 km langs een loodrechte  rotswand. Als je naar boven kijkt, zie je de muren van het klooster. Om 13.45u zijn we bij een poort. Ruim op tijd dus. De poort is dicht, maar via een smal stenen trapje in het muurtje kun je er omheen. We gaan daarna verder rechtdoor, over een oude met grote stenen geplaveide toegangsweg  voor voetgangers naar boven. Hier passeren we ook de “kapel van de vogels”. De kapel staat op de plaats van de eik waarop  vogels Franciscus toefloten toen hij voor het eerst naar La Verna kwam. Dan bereiken we een tweede poort die toegang geeft tot het indrukwekkende kloostercomplex. We lopen door tot bij het Tau gebouw. Dit deel van het klooster is speciaal ingericht  voor pelgrimsgroepen, welke hier kunnen overnachten. Maar eerst  geeft  Matti een korte rondleiding door dit enorme klooster. Terug bij het Tau gebouw, worden er nog wat afspraken gemaakt. We pakken onze bagage en gaan naar binnen. Dit is werkelijk een prachtige plaats. Mooie grote keuken met alles er op en aan. Grote eetzaal. Twee prachtig mooie slaapruimtes met lekkere  bedden, ook elk  met 3 douches en toiletten. Heel mooie kapel. Ja, wat hebben we niet hier.

 

Op mijn gemak ga ik eerst lekker douchen. Wat een weelde. Lekker frisse schone kleren aan. Wat wil een mens nog meer? Ich nieks mier!! Om kwart voor drie worden we verwacht in de eetzaal. Voor die tijd loop ik buiten wat rond. Wat mij opvalt is een grote lange open galerij, met enorme muurschilderingen over het leven van Franciscus. Heel bijzonder. Tegen kwart voor drie ben ik terug in de eetzaal. Padre Matteo staat ons al op te wachten  in z’n pij. We lopen samen met hem door het klooster naar de Basilica van waaruit  om 15.00u de processie gaat. Padre Matteo gaat bij zijn medebroeders achter het hoofdaltaar zitten. Achter dit altaar is zowel links als rechts een deur. Hier zitten de Franciscanen achter. Wij zoeken een plaatsje in de Basilica. Het zit goed vol. Wel valt mij de aanwezigheid van veel nonnen op. In het bijzonder, veel jeugdige nonnen. Wat trekt vandaag de dag deze jonge meiden aan om non te worden! Zou het toch hun sterke geloofsovertuiging zijn! Is het een roeping? Ik zou het niet zomaar weten. Er wordt eerst veel gezongen. Met zoveel nonnen klinkt dit prachtig mooi. Dan gaan de deuren open en komen de Franciscanen links en rechts achter het hoofdaltaar de Basilica in gelopen. De processie gaat beginnen. Ik loop tussen een aantal jeugdige, zingende nonnen. De processie trekt binnen  door het klooster, door de galerij, door smalle gangetjes naar het kapelletje van de stigmatisatie,  welke ook in het klooster ligt. Hier wordt gebeden en gezongen. Via een zij- ingang gaat het weer dezelfde weg terug naar de Basilica. Het hele gebeuren maakt diepe indruk op mij. Te bedenken dat dit iedere dag zo gaat. Na de zegen gaan we met Mattie  naar een  kloof toe, waar Franciscus sliep wanneer hij hier was. Ook bezoeken we de  souvenirshop. Ik koop hier voor miene ingel, eine ingel. De afspraak was dat we na de processie in de eetzaal wat zullen drinken op de verjaardag van Lies. Het wordt een gezellig onderonsje met gezang, bier en wijn. Om 19.00u kunnen we eten. Het is weer verrukkelijk. Tomatensalade, rijst met kipgroenten –stoofschotel, een toetje en, natuurlijk,  een wijntje erbij. Ook Loek brengt nog een leuk stuk: n.l. Onze Willem. Na de dagsluiting, als ook de “laatste loper”  zijn woord heeft gedaan, ga ik naar bed. Het is kwart over negen. In bed laat ik mijn gedachten nog eens gaan over deze bijzonder  mooie dag. Genoten heb ik van deze prachtige tocht naar La Verna.

 

 

*Santuario Francescano Convento della Verna.

Dit hoog (1128m) op een steile rots tegen de Monte Penna (1283m) gelegen Franciscaans klooster is een bij de Italianen geliefd pelgrimsoord. Het wordt druk bezocht door vrij luidruchtige groepen dagjesmensen. Ondanks de bordjes met “silenzio”. Vooral op zondagen ontbreekt het hier aan rust (om tot bezinning te komen) door het af en aan rijden van volgeladen touringcars. Wel moet gezegd worden dat de rit naar het klooster, bijzonder mooi is. De weg leidt door het ruige rotsachtige berglandschap van de Casentino. Eerst kom je in het dorpje Chiusi della Verna vanwaar de weg zich verder omhoog slingert. In 1214 stichtte Franciscus hier een kluizenaarswoning waar hij zich sindsdien regelmatig afzonderde van de bewoonde wereld. Het feit dat de heilige, toen hij zich in 1224 op de berg had teruggetrokken, de stigmata (dezelfde wonden als de gekruisigde Christus) ontving, spreekt uitermate tot de verbeelding. De wandeling van de Basilica naar de kapel die is gebouwd op de plaats waar deze gebeurtenis zou hebben plaats gevonden, wordt door vele met veel eerbied gemaakt. De Basilica zelf bezit vele relikwieën van Franciscus.

La Verna - Cerbaiolo

Eremo Cerbaiolo.
Eremo Cerbaiolo.

Donderdag 28 mei 2009.

 

Heerlijk geslapen vannacht. Wat een goed bed al niet doet voor een mens! Om 05.00u kraait de haan weer, oftewel Nico maakt iedereen wakker. Het dagelijks ritueel start weer: wassen, tas inpakken en naar het busje brengen. Waar Nico en Wim zich uitstekend van hun taak kwijten en alles terdege inladen. Na het ontbijt wordt dan snel afgewassen waarna ook de rest wordt ingeladen. Het is inmiddels 07.00u als we na de dagopening door Lies het klooster verlaten door de hoofdingang. Volgens het boekje beloofd het vandaag weer een mooie route te worden met meer dalen dan stijgen. In eerste instantie volgen we route -50 “Poggio Treversiovi”. Deze route wisselt vaak van naam. Bij de brug “Rabatto” steken we de weg over en dalen verder af naar Montalone. Bij de “bron met het heilige water” oftewel de “bron van Franciscus”  houden we even een korte stop. Hier vul ik mijn flessen bij, want dit water is drinkbaar. Onderweg in een barretje worden we getrakteerd op koffie of thee door Marjan, die vandaag jarig is. Na deze stop volgen we weer de gemarkeerde route Cai-075, naar Pieve San Stefano.

 

Onderweg wijken we van de route af en wat volgt is een ware survivaltocht. Door dicht struikgewas zoeken we een weg. Mijn snoeimes komt goed van pas. Uiteindelijk zien we onder ons een pad lopen en lopen steil omlaag naar dit pad toe. Dit weggetje, wat heel mooi is, volgen we een heel stuk. Tenslotte komen we toch weer op de CAI 075-route uit. Het is dan nog maar een eindje lopen naar Pieve San Stefano. Dit plaatsje in de Toscana grenst aan Umbrie en Romagna. (Pieve = plattelandskerk met dorp en begrafenisrecht) We laten ons neerploffen op een terras in de zon. Een heerlijke cappucino hebben we wel verdiend. Het is een heerlijk wandelweer. De zon is aangenaam, niet moordend heet.  Na ca 45 minuten pakken we ons boeltje weer bij elkaar en gaan verder naar Cerbaiola. Langs de verkeersweg lopen we het stadje uit. Na een bruggetje slaan we linksaf de Cai-route 22 op.

 

Via prima gemarkeerde wegen, een glooiend pad en prachtige vergezichten hebben we goed de pas erin. Na wederom een korte stop zien we op een bord dat het nog 1.20u lopen is naar Eremo Cerbaiola. Op een bepaald moment lopen we langs ons slaapadres voor die nacht: Ostello Francescano. Maar dit laten we voor even links liggen en gaan verder, omhoog naar de Eremo Cerbaiolo*. Om half vier komen we aan bij deze kluizenarij, waar kluizenares zuster Chiara helemaal alleen woont. Hoewel alleen…. Geiten,honden en katten houden haar gezelschap. Zuster Chiara is 84 jaar en woont hier vanaf de jaren 60 van de vorige eeuw. Zij staat ons al op te wachten en gaat ons voor, via een binnenplaats met een prachtige Pieta, naar het kerkje. Hier zingen we een 3-tal mooie liederen. Zuster Chiara neemt dan het woord en zegt (Matti vertaald dit voor ons): Ze bedankt ons voor de liederen, ze heeft op ons gewacht en nu we er zijn, mag de Signore haar rustig komen halen. Dit is heel ontroerend! Het hele gebeuren maakt diepe indruk op mij. Buiten nog even genieten van de prachtige omgeving en dan dalen we weer af  naar ons slaapadres, ca 1 kilometer lopen. Hier zullen we twee nachten verblijven. Morgen dus een rustdag! Ik zoek een lekker bedje uit en ga eerst douchen. Daarna was ik nog wat kleren uit, die buiten in het zonnetje zo droog zijn. ’s-Avonds weer een heerlijk maal: Romige courgettesoep. Chili con carne met een knoflook-peterselieyoghurt en salade. Als toetje yoghurt met aardbeien. Na de dagsluiting en het verslag van de laatste loper doe ik mee de afwas. Hierna nog een lekker rood wijntje en om tien uur lig ik in bed.

 

 

*Eremo Cerbaiolo,

Van oorspromg een Benedictijnenklooster van de VIII-eeuw. Sedert 1216 een Franciscaansklooster. Tijdens de 2e W.O. op 28 augustus 1944 verwoest door de Duitsers. Dankzij de vastberadenheid van zuster Chiara wordt de Hermitage steen voor steen herbouw, zoals zij oorspronkelijk was.Gedeeltelijk in 1955 en de rest in 1968.Het geheel werd voltooid in 1975. Zuster Chiara woont er alleen sinds 1966. Zij behoort tot de “kleine broederschap van de H. Elisabeth”. Deze plek is voor haar een gezegend, zelfs magisch oord. Het is haar heilige grond. Ook maakt zij zich sterk voor de “Ostello Franciscano” de refuge waar wij verblijven. Zuster Chiara is in 2009 overleden.

 

Rustdag Cebaiolo.

Ostello Franciscano / Prachtig uitzicht vanaf de kluizenarij
Ostello Franciscano / Prachtig uitzicht vanaf de kluizenarij

Vrijdag 29 mei 2009.

 

Vanmorgen lekker “uitgeslapen” tot 07.15u. Na het ontbijt om 08.00u, nel afwassen en opruimen. Rond de klok van negen gaan we op pad naar de Eremo. Padre Matteo zal hier om 10 uur een H.Mis opdragen, ter ere van het aanstaande Pinksterfeest. Het is weer een prachtige zonnige dag. Als we boven aankomen, geniet ik weet van het geweldige uitzicht. Ik ervaar het toch als een voorrecht dit te mogen zien. Zuster Chiara komt ons halen en we kunnen de kerk binnengaan. De kerk is sfeervol verlicht met enkele lampjes en kaarsjes. Zij neemt plaats op haar vertrouwde stoel, rechtsvoor. Het is een mooie viering, waarin we tal van liederen zingen. Regelmatig kijk ik naar zuster Chiara. Ze geniet zichtbaar van de dienst, ook al zal zij er waarschijnlijk geen woord van begrijpen.  Na afloop van de dienst is de verdere dag aan onszelf.  Ik besluit voorlopig boven op de berg te blijven en zoek een mooi plekje boven op een rots. Voor mij het prachtige zicht op het dal en stuwmeer. Wat ligt dit klooster ook weer op een prachtige plaats, hier tegen de bergwand. Dit is puur genieten! Het is inmiddels 11.00u en de zon schijnt al fel.

 

Ik zit te lezen als zich 10 bejaarde nonnen een weg naar boven zoeken over de trappen. Sommige hebben een veldboeket  in de ene en een stok in de andere hand. Ze brengen een bezoek aan het kerkje. Op het puntje van de rots krijg ik gezelschap van de geiten van zuster Chiara, die hier vrij rond lopen. Aangestaard door een 10-tal geiten denk ik na over deze bijzondere plek met zijn mooie natuur en weldadige rust. Hier houd ik het nog wel even uit. Het doet me goed om even helemaal alleen te kunnen zijn. Wel zoek ik even later een schaduwrijk plekje op onder een boom en lees weer een stukje in het boek “in de voetsporen van Franciscus”. Toch vliegt de tijd en voor ik er erg in heb, is het vier uur.  Zes uur heb ik hier,praktisch in mijn eentje, doorgebracht. Alleen met mezelf, de natuur en de rust!  En op afstand zuster Chiara. Ik krijg steeds meer bewondering voor haar. Als ik van de rotsen omlaag ga, zie ik haar de 94 trappen opgaan. In de ene hand haar stok en met de andere hand aan  de leuning , gaat het langzaam omhoog. Een bijzondere vrouw met een enorme wilskracht. Helemaal een met de natuur en haar Signore.

 

 

Als ik om 17.00u weer terug ben in de Ostello, wordt mij meteen gevraagd: “kom je nu pas van boven?!” Ik antwoord: “ Ja, nu pas. En ik heb er  ieder moment van genoten”. Snel neem ik een douche,want het is weer bijna etenstijd. Maaltijdsoep en pannenkoeken staan op het menu. Omdat ik geen pannenkoeken mag, is er voor mij nog Chili con carne.  We zijn niet de enige pelgrims vanavond. Er is een een Spaanse pelgrim uit Madrid aangekomen. Hij heet Fernando en spreekt goed Engels. Ik heb een fijn gesprek met hem over onze tocht als groep en zijn  tocht alleen. Very interesting!! Erg interessant!! Muy interesante!!  Om kwart over negen duik ik weer mijn bedje in, nog even nagenietend van deze sjoënen daag!

Eremo Cerbaiolo - Monte Casale

Kluizenarij Monte Casale
Kluizenarij Monte Casale

Zaterdag 30 mei 2009.

 

 

Vanmorgen weer als vanouds om 05.00u op. Het went wel! Eerst wassen, voeten verzorgen (aftapen waar nodig om blaren te voorkomen) en tas inpakken, die ik meteen bij het busje neerzet. Gelukkig hoeven we geen bagage mee te sjouwen. Dit is volgens mij ook, gezien de zwaarte van de tocht, niet te doen. Een dagrugzak volstaat. Om 06.00u ontbijten we en het lunchpakket maak ik meteen klaar. Als alles is opgeruimd,ingepakt en ingeladen, kunnen we weer, na de dagopening door Marina, langzaamaan op pad gaan. Nog eenmaal lopen we langs de kluizenarij van zuster Chiara en buigen net ervoor linksaf omhoog. We hebben er weer zin in, want er zit een behoorlijk tempo in. Het pad dat we volgen gaat richting Passo di Viamaggio. Rond de klok van negen zijn we boven op de Monte Viamaggio. Hier is ook een bar, volgens kenners de enige vandaag. Dus houden we hier een koffiestop. Een lekkere cappuccino gaat er tenslotte altijd wel in. Ook Fernando de Madrileen houdt hier een koffiestop. Ongeveer een halfuurtje later zijn we weer op pad richting Monte Verde in het natuurgebied Alpi di la Luna. De berg La Verna zien we van hieruit nog een keer  prachtig liggen. We verlaten het pad, gemarkeerd met OO en bij de Col dei Pegli buigen we af naar het pad 8B. Ook nu weer een uitstekend gemarkeerde route.

 

 

Om kwart over elf komen we aan bij de refugio “Picandelle Capanna” , een zeer primitief overnachtingadres. Hier houden we een korte stop. Lekker in het zonnetje, schoenen uit…… heerlijk!  Mijn bloedsuiker is weer oke! De combinatie van ’s morgens minder insuline bijbolussen en de energie die ik verbruik tijdens deze zware tocht, werkt prima. Als we verder lopen gaat de route 8B over in route 6. Wederom mooie paden en  prachtige vergezichten. Het pad gaat langzaam over in een asfaltweggetje. Dit voert ons naar het kleine bergdorpje Montagna. En wonder boven wonder: er is een barretje, annex kruidenierszaakje. Een zogenaamde alimentari. Alles is hier te krijgen. Er wordt driftig met stoelen geschoven, zodat we voor het barretje in het zonnetje kunnen uitrusten.  De ijsjes zien er verlokkelijk uit en ik kan een lekkere Magnum niet weerstaan. Na een poosje gaat de tocht weer verder. De route wijzigt weer van de 6 in de 6A. Na een flinke klim zien we achter ons in de diepte Montagna liggen. Het is een prachtig gezicht: allemaal bos en daar tussenin het kleine bergdorpje.  Door een mooie omgeving, onder een lekker zonnetje,  gaat het verder, richting kluizenarij Monte Casale*. Tegen drieën arriveren we hier.  De ruimte die we tot onze beschikking hebben is heel klein. Bovendien staat alles nog eens vol met banken en tafels. Bedden zijn niet te bekennen. Dat wordt improviseren.

 

 

Een douche is er ook niet, dus dat wordt wassen aan de kraan met alleen maar koud water. Maar het prachtige uitzicht vanaf de kluizenarij maakt alles weer goed. Er staat een klein prieeltje waar ik wat probeer te lezen. Maar de weg heeft zijn tol gevergd: ik doezel al gauw weg. Als ik weer wakker wordt, breng ik een bezoekje aan het kleine kerkje. Er staat een prachtig, 13-eeuws houten beeld van Madonna met Kind. Voor het avondeten zingen we gezamenlijk nog enkele liederen in dit kerkje.

Het eten smaakt weer voortreffelijk. Bruschetta met tomaat en  paella. Met natuurlijk een wijntje erbij. Heerlijk…    Met enige weemoed wordt na het eten alvast afscheid genomen van Marije. Haar knieblessure is door enkele rustdagen niet verbeterd, zodat zij de tocht niet verder kan lopen. Morgen zal zij naar huis terugvliegen. We wensen haar alle sterkte toe. Ook Loek laat zich weer van de “zangerige”  kant horen. Hij zingt het lied: wegwaaien. “De laatste loper”  brengt nog verslag uit van de dag. Daarna help ik met de afwas. De waterkokers draaien overuren, voor het hete water voor de afwas. Ook dit is behelpen, maar we krijgen toch alles schoon. Als alles is opgeruimd, is het voor mij weer bedtijd. Ik zoek een plaatsje ergens op de grond. Het is even zoeken in deze kleine ruimte, maar het lukt toch en even later ben ik al op weg naar dromenland.

 

 

*Kluizenarij Montecasale

 

Dit kleine klooster van Montecasale is een van de aardigste Franciscaanse kluizenarijen. Gebouwd tegen een berghelling in de eenzame bergen bij Sansepolrco. De kluizenarij wordt bewoond door drie Kapucijners en drie honden. Je kunt hier vrij rondlopen en het kerkje dat het centrum van de kluizenarij is bezoeken. Ook de kleine kloosterhof met de put is een bezoek waard. Eens woonden hier 3 heiligen: Franciscus, Antonius van Padua en Bonaventura. Ook 3 goddeloze rovers leidde hier een heilig leven. Zij werden bekeerd door Franciscus. Ook de kleine cellen en het Oratorium van Franciscus met de schedels van twee van de drie rovers zijn te bezichtigen. Buiten op de tegenover liggende berg staan drie kruisen tere ere van de drie rovers.

 

 

 

page loading