Camino Francès-2006

Berc.del Real Camino-Mansilla de las Mulas: 26km

Crucero a la entrada de Mansilla de las Mulas
Crucero a la entrada de Mansilla de las Mulas
Zaterdag 20 mei.


Deze herberg is vol !


Na die heel mooie avond, was het vanmorgen toch weer vroeg dag. Het ging in alle rust. Iedereen was nog onder de indruk van gisteravond. De zusters hadden al een lekker ontbijtje klaargezet. En dat alles voor een vrijwillige donatie. Om 07.I5u weer op pad. De weg is lang en saai. Een recht pad, speciaal aangelegd voor pelgrims, langs een provinciale weg. Maar zo kunnen we wel de vorige avond nog eens doornemen. Prettig om hier zo samen over te praten. Het is gelukkig wel een prima wandelweertje. In El Burgo Ranero willen we een kopje koffie drinken, maar we zijn het uitgestorven dorp al weer uit voor we er erg in hebben.

Het volgende dorp, Reliegos, ligt twee en een half uur verder. Dus stiefelen we gestaag door op steeds weer datzelfde pad. De omgeving is ook niet bijster indrukwekkend. Alles vlak en kaal. We zijn blij als we om 12.00u in Reliegos aankomen. Daar zitten inmiddels al heel wat pelgrims bij de enige bar midden in het dorp. We drinken en eten hier wat. Een Nederlands meisje komt bij ons zitten en als we weer willen gaan, komt Arie ook aan. We kletsen nog even en gaan dan door naar ons eindpunt voor deze dag. Ook de weg hier naar toe is precies hetzelfde: lang en saai. Maar ja, ook dit is de Camino. Om 14.00u lopen we Mansilla de las Mulas binnen. We gaan meteen naar de refugio. Maar........... we zijn te laat. De herberg is helemaal completo. Alleen een matras midden op de gang in het looppad is nog vrij. En de gang ligt al helemaal vol met matrassen. Dit willen we dus even niet. Daarom  maar zoeken naar een Casa Rural. Die is snel gevonden. Lekker wat gaan eten en het stadje verkennen.

Ons overnachtingadres:
 
Casa rural  El Puente, naast de albergue.
Bar + restaurant +  prima kamers.

Mansilla de Las Mulas-León: 20km

Prachtige glas in loodramen in de Kathedraal in León
Prachtige glas in loodramen in de Kathedraal in León
Zondag 21 mei.


Bij de Benedictinessen.


Na een rustig nachtje weer vroeg uit de veren. Na de gebruikelijke rituelen zijn we om 07.15u op pad. Over de rivier de Esla verlaten we Mansilla de Las Mulas. We wandelen weer een flink stuk langs de grote weg, maar gelukkig wel op een onverhard voetpad. Links van het voetpad is veelal akkerland. De benen willen, wij willen dus het schiet lekker op. Het gaat prima! Geest en lichaam in evenwicht! In Puente de Villarente drinken we een kopje koffie. Het dorpje is niet bijster interessant, dus weer vlug verder. De volgende passage is weer erg mooi. We lopen nu een stukje van de autoweg af en hier staan de veldbloemen weer volop in bloei. Wat is dat toch steeds een prachtig gezicht. Dan een klein klimmetje en we passeren de Alto del Pontillo, waarna we afdalen naar de vlakte van de Rio Bernesga. Hier kunnen we al een blik werpen op de stad León. Maar het duurt nog een klein uurtje voor we in de oude stad zijn.

Hier is ook de refugio Carbajalas van de Benedictinessen, waar we ons inschrijven. Het gaat er hier heel officieel aan toe. Achter 2 tafels zitten 2 hombres. Als we aan de beurt zijn, worden we uitgenodigd plaats te nemen aan hun tafel. Dan worden je gegevens gevraagd en dit wordt gecontroleerd met de credential. De gegevens zijn: naam, land, leeftijd, waar je gestart bent. Dit wordt heel precies genoteerd in het refugioboek. Er staat een hele rij te wachten, maar zij laten zich niet haasten. Heel prettig. Je voelt je hier welkom. Een hospitalera wijst ons vervolgens onze slaapplaats. Het is een grote slaapzaal waar de stapelbedden 2 aan 2 tegen elkaar staan. Wij krijgen 2 onderbedden. We installeren ons, gaan douchen en dan de stad in. Er waait een frisse, harde wind door de stad. Dit is niet erg aangenaam.

De kathedraal is zeer imposant en heeft prachtige gebrandschilderde, glas in loodramen. Door de lichtinval is het een magnifiek geheel aan kleur. We slenteren wat door de stad, gaan de San Isodro bekijken. Een sobere kerk, maar er straalt zo'n rust van uit. Even zitten en tot jezelf komen! Dan zijn we een beetje uitgekeken op de stad. Veel gebouwen zijn dicht en we voelen ons wat moe van de wandeling en het slenteren door de stad. Nog even een terrasje pakken en dan terug naar de refugio en vroeg naar bed. Om 20.00u komt er nog bijna letterlijk en figuurlijk een oudere pelgrim binnenvallen. Het is een Braziliaan en de man is totaal op. Hij valt op bed neer en houdt met beide handen zijn hoofd vast.  We hebben hem toch maar even goed in de gaten gehouden, want je weet maar nooit! Maar op een gegeven moment valt hij als een blok in slaap. Gelukkig maar.

Ons overnachtingadres:
 
Albergue in het Convento Santa Maria de las Carvajalas. Een prettig ontvangst hier, maar enorm druk.

 

León-Villar de Mazarife: 22 km

Kerk van de Apostel Jacobus
Kerk van de Apostel Jacobus
Maandag 22 mei.


Een stevige bries.


Vanmorgen weer in alle vroegte op pad. Om 05.30u kan Ger het niet meer uithouden in bed, vanwege de harde plank onder de matras. Dit is niet bevorderlijk voor iemand met rugklachten. Dat betekent dat we om 06.30u weg zijn. Gelukkig loopt de Braziliaan ook weer mee. Hij ziet er wel nog behoorlijk afgepeigerd uit, maar hij heeft er toch weer een flink tempo in. De route is de eerste anderhalf uur oersaai. Alleen over asfalt en door het industriegebied. Dan komen we in Virgen del Camino. Bij deze naam stel je je iets lieflijks voor, maar niets is minder waar. Reclameborden schreeuwen je tegemoet en er is alleen maar nieuw-en hoogbouw. Bovendien gaat midden door het stadje een grote, drukke weg waar de auto's behoorlijk razen. We zijn blij als we bij de Bedevaartskerk kunnen oversteken en kunnen kiezen voor de alternatieve route, weg van de snelweg. Aan de voorgevel van de Bedevaartskerk boven de ingang, zijn 13 grote koperen beelden aangebracht. Het is een voorstelling van de 12 apostelen met de H.Maagd Maria.

Even later zijn we in een prachtige omgeving: de hoogvlakte van de Páramo. Het doet iets heideachtig aan met lage struiken zoals lavendel en brem. Geweldig gezicht dat paars en geel tussen al dat groen. Dit wordt afgewisseld met akkerland en wijngaarden. En dan die rust! Heerlijk! Alleen het geluid van de wind is hoorbaar, want er waait een stevige, frisse bries. Ooievaars vliegen af en aan. Een vliegt er net boven het hoofd van Ger. Het lijkt net alsof hij op zijn hoed wil gaan zitten, maar zich op het laatste moment bedenkt en verder vliegt. Zo lopen we door naar Chozas de Abajo. Een bord wijst weer: bar 200 mtr. We hadden kunnen denken dat dit weer Spaanse meters zijn, dus we lopen zowat het hele dorp door om bij de bar te komen. Maar hier is het wel gezellig. Er zitten al verschillende pelgrims, waar we wat mee kletsen. Ook Arie komt aanlopen. We gekkejennen wat, maar er wordt ook serieus gepraat over werk en wat de Camino met je doet. Heel bijzonder!

Na een klein uurtje gaan we weer verder. Rond 12.30u komen we aan in Villar de Mazarife. We besluiten om in de refugio Tio Pepe te overnachten. Er is zelfs een 2-persoonskamer vrij die we krijgen. Alles heel netjes. Het zijn heel hartelijke mensen. Gezellig! Gauw eten en dan kleren wassen. Want met deze wind in combinatie met de zon, droogt alles snel. En er is een prachtige binnenplaats waar alles opgehangen kan worden. Pepe heeft ook internet, maar......... no fuctione!! Jammer, maar dan moet het verslag maar even wachten. Vanuit de slaapkamer hebben we zicht op de parochiekerk van de apostel Jacobus. Op de toren zijn maar liefst 4 ooievaarsnesten, waarvan 3 bewoond. Vanachter het raam zitten we met ontzag te kijken hoe de kleintjes gevoed worden. Na nog een lekker pilsje gaan we weer met de kippen op stok!!

Ons overnachtingadres:
 
Albergue
Tio Pepe: Bij de kerk met de 4 ooievaarsnesten. Bar + restaurant + gezellige binnenplaats. Aparte kamers. Privé albergue.

 

Villar de Mazarife-Astorga: 36 km

Astorga in zicht!    /  Bisschoppelijk Paleis van Gaudi, Museum del Caminos
Astorga in zicht! / Bisschoppelijk Paleis van Gaudi, Museum del Caminos
Dinsdag 23 mei.


Een lange, mooie dag.


Na een kopje cafe con leche bij Pepe vertrekken we rond 07.30u. Het is weer fris en windig, dus de jassen gaan weer aan. Ger start op zijn sandalen, maar na enkele km blijkt dat toch geen succes. En gaan de wandelschoenen weer aan. He, he, dat zit toch wat prettiger! We lopen een km of 6 over geasfalteerde weg richting Villavante. Dit maakt dat we er een flink tempo in hebben. In Villavante, een echt slaapstadje, houden we even pauze. We treffen hier 2 dames uit Toronto. Hier gezellig mee gekletst. Ze willen zelfs in Nederland een wandelbroek gaan kopen, want ze vinden mijn(Thea) rode wandelbroek wel erg leuk. Als we gaan, zegt ze: ik zal je wel herkennen als: de lady in de red pants. Met frisse moed gaan we verder, richting Hospital de Órbigo. De weg is nog steeds niet erg prettig en op een bepaald moment zien we geen bewegwijzering meer. Dus op hoop van zegen gaan we rechtsaf.

De H.Jacobus is ons goed gezind, want het blijkt goed te zijn. Via een oude, prachtige brug-de langste van de Jacobsroute- lopen we Hospital de Órbigo binnen.

De planning was eigenlijk om hier te overnachten, maar het is nog erg vroeg, 10.30u, als we aankomen. Dus we besluiten om wat inkopen te doen en verder te lopen. We zien dan wel hoe ver we komen. Ook hier kunnen we kiezen uit 2 routes. We kiezen voor de iets langere route, maar die is weer weg van de snelweg. En weer kiezen we goed. Het is zo'n geweldig mooie route. Prachtige vergezichten. Het is ontroerend. We voelen ons bevoorrecht dat we hier mogen lopen en genieten! Het weer is prachtig, de wind is gaan liggen en we voelen ons super! We lopen door kleine dorpjes waar de mensen hartelijk en vriendelijk zijn. In Santibáñez de Valdeiglesias pauzeren we even. In dit kleine dorpje is zelfs een refugio. Deze wordt beheerd door een Nederlandse!! Als we verder lopen, wordt de omgeving zo mogelijk nog mooier! In de verte zien we de Montes de León. Op een bepaald moment lijkt het alsof we alleen op pad zijn. Er is geen levend wezen te bespeuren. Heerlijk!! En zo rustig.

We komen uit bij het stenen kruis ( Crucero de San Toribio), wat de oude route van de St. Jacobsroute markeert. Hier hebben we een geweldig zicht op de stad Astorga. Maar het duurt nog anderhalf uur voordat we in deze prachtige stad zijn. Om ca 16.00u komen we aan bij de kathedraal. We willen morgen niet te vroeg vertrekken, want vandaag is het mooi genoeg geweest. Dus besluiten we om een hostal bij het Bisschoppelijk paleis, ontworpen door Gaudi te nemen. Voordat we gaan eten, bezoeken we dit museum del Caminos nog eerst. Wat is dit een prachtstuk. Geweldig, geweldig! Het glas in lood is onovertreffelijk. Ger doet hier ideeën op! En door de lichtinval is het ontroerend mooi. Zelden zoiets moois gezien! Zo, en nu hebben we behoorlijke honger en gaan we, hopelijk lekker, eten!! We hebben wel nog wat boodschappen gedaan. En zijn op goed geluk een supermarkt binnengegaan. Wat schetst onze verbazing: een heel assortiment glutenvrije producten. Alleen de "pan sin gluten" is op. Maar aan crackers en koekjes geen gebrek. Dus dat slaan we in, zodat Ger niet hoeft te verhongeren!!

Ons overnachtingadres:
 
Hotel Gaudi: Tegenover het Paleis van Gaudi en vlak bij de kathedraal. Lekker gegeten en goed uit kunnen rusten.

 

Astorga-Rabanal del Camino: 20 km

Commercie ! !
Commercie ! !
Woensdag 24 mei.


Rode aarde en rode wijn!


Vanmorgen eerst lekker uitslapen. Zodat we pas om 09.00u op pad gaan. Het zonnetje schijnt al lekker, als we de prachtige stad Astorga uitwandelen. We beginnen weer langs de weg, eerst over asfalt en even later over een onverhard pad langs de weg. Het is wel vermoeiend, maar voor we het weten zijn we toch al in het plaatsje Murias de Rechivaldo. Hier drinken we een kopje koffie con leche en raken aan de praat met 4 Belgische meiden, die vanmorgen hun Camino gestart zijn in Astorga. Vanaf dit plaatsje is de omgeving weer zo mooi!! Heel veel bloeiende gele brem. En dat tussen al dat groen en de  lavendel. De paden van rode aarde. Wat een kleurenpracht weer!!

Onderweg komen we weer het oudere Spaanse echtpaar tegen. De vrouw heeft een ontsteking aan haar been, maar loopt nog steeds door. We zijn hun al diverse keren tegengekomen. En steeds weer een gezellig praatje. De vrouw, klein en tenger, weet haar mondje heel goed te roeren. En, hoewel ze alleen maar Spaans praten, kunnen we elkaar toch begrijpen. Daar zorgt die Camino toch maar mooi voor!! In het dorpje Santa Catalina de Somoza merken we voor het eerst na al die gelopen km. iets van commercie. Dat wil zeggen: aan de rand van het dorp staat een oude Spanjaard met Camino-atributen: schelpen, kalebassen, kruisjes en wandelstokken. En in het dorp zelf, een lange straat, zijn verschillende barretjes c.q. restaurantjes. Maar het doet allemaal heel aandoenlijk aan.

Zo rond het middaguur komen we aan in El Ganso. We besluiten hier te eten: Menu del Dia! De hartelijke, aardige gastvrouw serveert soep en als hoofdgerecht: Gebakken ei, chorizoworst, frites en salade. En als toetje: ananas. Hier hoort natuurlijk ook een fles rode wijn bij. We zitten lekker gezellig in het zonnetje en laten ons eten en wijn heerlijk smaken. De wijn is natuurlijk niet zo'n goed idee als je daarna nog 2 uur moet lopen. Maar ja, ook deze peregrinos lusten wel eens graag een wijntje. Dat deze daarna tijdens het lopen in onze benen zakt, nemen we maar op de koop toe. Toch zijn we heeeeeel blij als Rabanal del Camino in zicht komt. Even later maken we nog kennis met een Deense man die onderweg is met zijn zesjarig zoontje!! Het manneke stapt stevig door. Leuk om te zien. De man hoopt dat hij het volhoudt.

Dan komen we op plaats van bestemming. De hospitalera van de refugio zit al buiten op het muurtje te wachten. Aan iedereen die voorbij komt, vraagt ze: Albergue, albergue??? Ze wil haar bedjes graag bezet hebben. Ze doet dit op een zo natuurlijke en open wijze, dat we voor haar zwichten en inschrijven. De vrouw is een heel gezellig type. Ze kletst wat af. Of we dit nu begrijpen of niet, ze blijft praten. Maar door haar gebaren erbij, is het toch redelijk duidelijk. We installeren ons in een kamer met 6 stapelbedden. We nemen 2 benedenbedden die tegen elkaar geschoven zijn. We zetten onze rugzakken tegen de bedden. Het is eerst tijd voor een lekkere cerveza!!! Die gaat er wel in!! We treffen Arie ook weer. Hij was al om 12.30u gearriveerd. We drinken samen een pilsje, kletsen wat en gaan dan lekker douchen. Dan nog een klein handwasje en gaan verder het heel oude, maar gezellige dorpje verkennen. En vanavond....op tijd naar bed, want morgen is het weer vroeg dag.

  

Ons overnachtingadres:
 
Albergue El Tesin. Aan het begin van het dorp. Kleine kamers met een heel aardige hospitalera.
Bar + restaurant ligt ernaast.
  

Rabanal del Camino-El Acebo: 18 km

Cruz de Ferro
Cruz de Ferro
Donderdag 25 mei.


Ons steentje kwijt!


Klokslag 07.00u gaan we op pad. Er waait een behoorlijk frisse wind als we Rabanal del Camino uitlopen. Dus jassen aan. Er volgt een weg van behoorlijk stijgen en dalen in een prachtige omgeving. De natuur is hier echt tot bloei gekomen. " C'est Magnifique!" zegt een passerende franse jongen. En gelijk heeft hij. Witte, gele en paarse brem. Roze en paarse heide. Gele boterbloemen en lavendel. Dat staat daar links en rechts van ons als een prachtig veldboeket. We lopen tot het dorpje Foncebadon. Wat een desolate plaats! Een praktisch geheel verlaten dorp. Alleen een bar/restaurant (wat er heel mooi uitziet) en in de kerk is een refugio gevestigd. De rest is allemaal in vervallen staat. Midden in het dorp liggen 4 honden op straat te slapen. Blijkbaar letten zij op schapen, die we wel horen blaten, maar niet zien. Naar de passerende pelgrims kijken ze niet om.

Inmiddels is de wind gaan liggen en is het lekker warm geworden. Dus jas en trui gaan uit! We gaan weer stijgen en komen om ca 09.15u aan bij het Cruz de Ferro (ijzeren kruis) op 1504 mtr hoogte. Op een flinke hoop stenen staat een boomstam van zo'n 5 meter met daarboven op een ijzeren kruis. Pelgrims leggen hier al sinds lang hun meegebrachte steen neer als symbool van de last die ze met zich meedragen. Deze last kunnen ze afleggen door de tocht te maken naar Santiago de Compostela. Ger gooit zijn steentje op de berg en ik(Thea) klim naar de boomstam toe en leg mijn steentje hier boven neer. Er gaan allerlei gedachten door me heen. Maar vooral denk ik toch aan "os mam". Toch even een emotioneel moment. (Helaas Jaques van Stien van tante Iet: De sjtein van boete oet Sjwame hubbe veur neet gevonje!!!!)

Op de rustplaats zitten 3 jonge paters samen hardop te bidden. Dat voegt iets extra's toe. Ger heeft wat last van zijn rug, dus hij wil niet te lang blijven staan. Vervolgens komen we aan in het bergdorpje Manjarin. Ook dit kleine gehuchtje is verlaten op een refugio na. Die is klein en heel intiem. Er hangt een warme sfeer. Ger koopt hier een pinspeld voor op zijn hoed. Hij heeft inmiddels al een hele verzameling. Dan gaat de Camino opnieuw stijgen. Het wordt steeds warmer. Heerlijk dat zonnetje. Dat maakt de omgeving dubbel zo mooi en ontzagwekkend. En dan is het alsmaar dalen, dalen en nog eens dalen. En dat op een weg met veel steenslag. De benen hebben hier wel moeite mee. Het is vooral een aanslag op knieën en voeten.

Als we El Acebo hebben bereikt, heb ik (Thea) dan ook behoorlijk last van mijn re-voet. Dus besluiten we om in El Acebo te overnachten. Maar zoals al vaker is voorgekomen, ook hier is de albergue  completo. Het is een heel gezellig oud dorpje. De huisjes hebben veelal een klein overstekend balkonnetje. Het doet heel lief en knus aan  dit dorpje met zijn hele smalle straatjes. Als we zitten te eten komen er zelfs 2 touringcars voorbij. Het is een wonder dat de balkonnetjes er nog hangen!

We treffen de 3 Zwitserse dames nog als we buiten komen. Zij hebben hun rugzakken doorgestuurd naar Molinaseca en lopen zelf dit stuk nog verder (zeker 3 uur!) Het zijn taaie tantes. Snel gaan we op zoek naar een slaapplaats. Na wat op en neer door het dorpje te zijn gewandeld vinden we een Casa rural: La Casa del Monte Irago. Hier is nog een kamer vrij. Een heel knus kamertje met badkamer en veel hout en natuursteen. Doet heel warm aan.  Dan nog even naar de tienda voor wat boodschappen. Hierna genieten we nog lekker op een bankje van een heerlijk zonnetje voor de casa rural. Mijn voet begint behoorlijk pijn te doen dus gaan we terug naar binnen om deze wat rust te gunnen. Maar even aanzien hoe het gaat. En natuurlijk weer op tijd naar bed!!

Ons overnachtingadres:
 
La casa del Monte Irago: Casa rural, prima adres in dit kleine dorpje.



El Acebo-Ponferrada: 17 km

De alom bekende route aanduiding.
De alom bekende route aanduiding.
Vrijdag 26 mei.


Kamertje San Luca
s.


Na een heerlijke nachtrust gaan we om 08.00u op pad. Mijn voet is weer oké!! Het is al heerlijk warm, dus jas en trui blijven uit! Het landschap blijft onveranderlijk mooi. We lopen stijgend het dorp El Acebo uit. Na een stukje langs de weg te hebben gelopen, gaat de Camino linksaf  naar het dorp Riego de Ambrós. We zijn op zoek naar een bar voor een kopje cafe con leche, maar helaas: de bar is dicht!! Dus er zit niets anders op dan doorlopen. Weer is de omgeving heel indrukwekkend: prachtige vergezichten, kleine smalle paadjes, de bergen op de achtergrond, een herder met een flinke kudde schapen, de gigantisch mooie bloemen. Het is er allemaal. Wat een pracht om hier te mogen lopen! In het begin lijkt het alsof we helemaal alleen op pad zijn. Er is het eerste uur geen pelgrim te zien. Dat hebben we nog niet meegemaakt. Maar waarschijnlijk zijn velen erg vroeg vertrokken vanwege de te verwachten warmte.

Alleen Daniel, een Schotse jongen, loopt even met ons op. Hij was gisteren behoorlijk ziek geweest, maar vandaag ging het wel. Hij kijkt inderdaad behoorlijk pips. Als we in het dorpje Molinaseca aankomen, zien we bij een barretje toch ook weer  andere pelgrims zitten. Wij drinken hier een lekker kopje cafe con leche. Daarna even bij de Pharmacia aan voor een rolletje tape. Die is bijna op en toch heel belangrijk. Omdat 's-morgens toch de hakken afgetaped moeten worden ter voorkoming van blaren. Dit werkt nog steeds goed. Ger heeft nog geen blaar gehad en ik maar eentje.(hopelijk houden we dat zo!!) We lopen door Molinaseca, ook een prachtig oud dorpje, richting Ponferrada. Dit gaat een flink stuk omhoog langs de grote weg. Maar bij het dorpje Campo gaat de route weer het mooie landschap in. Hier zien we boven op een elektriciteitsmast nog een ooievaarsnest. 2 kleine ooievaartjes kijken ons parmantig vanuit hun hoge zitplaats na. Ook Campo is zo'n leuk oud dorpje. Oude houten huisjes met balkonnetjes. Maar ook nieuwere huizen. Inmiddels lopen we weer over asfalt. Ponferrada lijkt dichtbij.

We volgen de Camino, want die leidt ons toch naar het oude gedeelte van de stad. Het gaat wel omhoog, dus wat moeizaam. Maar het is de moeite waard, want de binnenstad is heel indrukwekkend. Aan een pleintje drinken we een pilsje en eten we een hapje. Dan besluiten we ook dat het voor vandaag welletjes is geweest en lopen naar de refugio. Het is een grote, nieuwe en prachtige refugio. Er is plaats voor ca 200 personen, maar allemaal verdeeld over kamers. Ook hier gaat het officieel toe. We worden uitgenodigd aan een tafeltje te komen zitten waar we worden ingeschreven. De rij wachtende is heel lang, maar dat deert niet. Een hospitalero gaat langs met limonade. Heel gastvrij allemaal. Wij krijgen kamer San Lucas toebedeeld. Hier staan slechts 2 stapelbedden op. We installeren ons, gaan douchen, even een wasje en dan lekker de stad in!! Vanavond zullen we op tijd ons nestje opzoeken, want de komende dagen wachten ons zware routes. En het weer blijft volgens de voorspelling warm!!

Ons overnachtingadres:
 
Albergue Santo Nicolas de Flüe: Wel een heel grote albergue, maar allemaal met kleine kamertjes. Grote tuin bij. Mooie plaats.
 

 

Ponferrada-Villafranca del Bierzo: 24 km

Kerkje in Cacabelos
Kerkje in Cacabelos
Zaterdag 27 mei.


Een bijzondere ontmoeting!


Zoals gezegd, vanmorgen vroeg op pad. Om 06.30u waren we weg uit refugio San Nicolas del Flüe. En we waren niet de eersten!! Er hadden meer mensen rekening gehouden met de te verwachten warmte. In Ponferrada was het allemaal goed aangegeven, dus waren we gauw de stad uit. We liepen een stukje op met 2 Rotterdamse dames. Zij hebben al eens gefietst en waren nu in etappes aan het lopen. Het wandelen beviel hun beter dan het fietsen, omdat je zo meer ziet en meer ontmoetingen hebt. De Camino ging voorlopig alleen over asfalt, maar beslist niet saai. Als we na anderhalf uur in Columbrianos in een barretje een heerlijk kopje cafe con leche drinken, zit daar ook een Japanse te ontbijten.

Wij zagen haar gisteren ook al heel even in de refugio. Het is een heel frele poppetje. De rugzak lijkt zwaarder dan zijzelf! Op een bepaald moment staat zij op en gaat naar de paar vrouwen (waaronder ik) die in het barretje zitten en geeft aan ieder een haarklemmetje in de vorm van een Jacobsschelp.  Hierbij doet zij het tradionele begroetingsgebaar van Japan: handen  gevouwen en een lichte buiging. Ik (Thea) kom met haar aan de praat. Zij heeft een heel hoog piepstemmetje en in gebrekkig Engels zegt ze dat ze al eerder een stuk van de Camino gelopen heeft. Zij zegt opeens 3 woorden: Peregrinas, amigas en Corozon. Door haar gebaren geeft zij aan: De peregrinas zijn voor haar vriendinnen die ze in haar hart heeft gesloten. Dan kijkt zij Ger aan, buigt met gevouwen handen voor hem, pakt haar rugzak en gaat. Als we haar nakijken, zien we dat ze gewone, heel dunne zomerschoentjes aanheeft. Maar het lijkt of ze vleugels heeft, zo lichtvoetig loopt ze en in no-time zien we haar niet meer!

Wij vervolgen onze weg en komen in de plaatsjes Fuentes Nuevas (heel leuk oud dorpje) en Camponaraya. Dit is niet zo bijster interessant dus lopen we snel door. Aan het eind van dit dorpje is wel wat leuks: bij een bodega staat een een grote wijnfontein. Hier spuit boven Vino Tinto uit, maar helaas: ik kan er niet aan!!  Het landschap is nu behoorlijk glooiend en heel mooi. We hebben zicht op het Cantabrisch gebergte. Het is weer ontzagwekkend prachtig. We lopen door de wijngaarden van de Bierzo. Geweldig hoe deze allemaal tegen de hellingen liggen. En het brengt een rust over je om hier doorheen te lopen! We komen aan in het stadje Cacabelos. De kerk staat open!!! Dus gauw een kijkje nemen. Blijkbaar vindt er vanmiddag een huwelijk plaats, dus de kerk is prachtig verlicht en versierd. Een heel mooie, kleine kerk. Iedere keer weer verwonderlijk wat een pracht zo'n kerkje herbergt.

 

Tegenover het kerkje lopen we een straatje in en gaan op een bankje bij een plein lekker uitrusten. In de tegenoverliggende winkel koop ik wat fruit, koek en fris. Heerlijk!! Na ca 45 minuten gaan we verder. Wat volgt is een heel vermoeiende tocht van stijgen en dalen en weer stijgen en dalen. De warmte maakt het allemaal nog zwaarder. Op tijd stilstaan voor te drinken dus. Maar de omgeving maakt dit weer ruimschoots goed, want het is weer magnifiek!! Tegen de klok van een uur komen we in Villafranca del Bierzo aan. Deze stad wordt ook wel " Klein Santiago" genoemd, omdat er zoveel kerken en pelgrimsherbergen in de middeleeuwen waren. De stad is ook helemaal op pelgrims gericht. De herbergen liggen boven aan de rand van de stad, maar we willen meer in het centrum overnachten. Dit ligt veel lager, dus weer een daling! (mijn voeten, mijn voeten!!) We vragen aan een politieman waar een hostal is. Hij neemt alle tijd en schrijft vanalles op. We gaan eerst wat eten en.... pilsje pakken!

 

Als we besluiten om naar hotel San Fransisco te gaan, wat dicht bij het plein ligt, houdt een vrouw die op de stoep bij een voordeur kersen verkoopt ons aan. Zij vraagt of we habitacion(nachtverblijf) zoeken. Zij heeft wel wat!! Dus wij met haar mee, de volgende voordeur in. Blijkt zij hier een hele etage kamers te hebben. We zoeken er een uit, betalen en weg is de vrouw. We doen ons wasje en gaan de stad in. Inmiddels is het bloedheet in de stad. Een thermometer wijst 41 graden aan!! En nog zien we pelgrims met volle bepakking lopen. We gaan nog even kijken hoe de Camino morgen verder gaat. Want we willen de Camino Duro lopen. Dit is een zwaardere route, maar veel mooier. De andere route gaat veelal via een grotere, gevaarlijke weg. En dat willen we niet!! Dus vanavond weer op tijd naar bed. En morgen weer vroeg op. Maar eerst gaan we een terrasje pakken, voor een lekkere koude cerveza, proost!!

   

Ons overnachtingadres:
 
Ergens op de Plaza Mayor in een oude farmacia. Kamertjes voor het uitzoeken. Een vrouwtje wat er kersen stond te verkopen, bood ons deze gelegenheid. 




Villafranca del Bierzo-Vega de Valcarce: 19 km

Refugio Do Brasil
Refugio Do Brasil

Zondag 28 mei.


Zwaar en heet!


Na een rustige nacht vanmorgen om 06.30u op pad. (het wordt een gewoonte!!) Volgens de reisgids is de Camino Duro behoorlijk zwaar. (Duro = zwaar) En inderdaad, het begin gaat enorm steil omhoog. En dit duurt ca een uur. Dus dat is even afzien. Maar het is weer zo mooi!! Eerst door een kastanjebos en dan vervolgens over open terrein. Links zien we in de diepte de pelgrims lopen (als mieren zo klein) die over de grote weg lopen. En de bergen! Wat ontzagwekkend. De natuur is weer vol met lavendel, brem en heide. Jammer dat er zoveel verbrand is. Hele dennenbossen zijn weg! De stille getuigen hiervan, verbrande takken en boomstammen, liggen nog op de helling. En steeds het mooie uitzicht op het dal van de Valcarce. In de verte zien we Villafranca del Bierzo nog liggen. Zo lopen we door, stijgend en dalend. Op een bepaald moment heb ik(Thea) het gevoel pap in de benen te hebben. Het wordt behoorlijk zwaar voor mij. De zon is intussen al behoorlijk warm. Maar even later gaat het gelukkig weer!

Bij het dorpje Pradela raken we de weg kwijt. De pijlen wijzen 2 richtingen uit. Wat nu? We gaan door een bos, maar even later zien we geen pijlen meer. Dus via een landweggetje weer terug naar een grotere weg. We staan de dubben en te dubben. Dan komt een Duitse jongen aangelopen. Die vraagt of hier ergens een winkel is!! In niemandsland notabene!! Hij is met een groep onderweg, maar vanmorgen alleen vertrokken. Alleen wat water heeft hij bij zich. Ook een man uit Keulen komt aanlopen. Met zijn boek en het onze komen we er niet echt uit.  Dan zien we Ria en Hetty, de 2 Rotterdamse dames waar we gisteren samen mee hebben gegeten, aankomen. Samen besluiten we omlaag te lopen via de asfaltweg. Even later komen we de markering van de Camino tegen en gaan we steil omlaag naar Trabadelo. De Duitse jongen heeft het niet meer. Hij is zijn groep kwijt, weet geen telf.nr., heeft geen geld!! Ger geeft hem geld voor de telf.automaat, zodat hij zijn vader in Duitsland kan bellen voor het mobilenummer van de groep. Dit lukt. Dan belt hij de groep, maar via de gewone telefoon lukt dit niet. Dat belt Ger via ons mobieltje het nummer. Dit lukt wel. De groep is in het volgende dorp. Ger koopt nog 2 koeken voor hem en hij gaat, opgelucht, op weg. Die heeft zijn Caminoles wel geleerd!! (Hopelijk)

Na een lekker kopje cafe con leche (daar zijn we wel aan toe, na 4 uur lopen) gaan we verder. Samen met Ria en Hetty. Het volgende dorpje, Ambasmestas, is volgens de gids 45 min. lopen. Helaas, dit blijken 2 uur te zijn!! En de zon brandt ongenadig op onze koppies!! We besluiten in Vega de Valcarce in de refugio "do Brasil", meteen aan het begin van het dorp, te overnachten. Ria en Hetty lopen door het dorp in. Zij zijn toe aan rust en nemen dus een hostel. De ontvangst is heel hartelijk. Ik word meteen door de hospitalera gekust. Deze jonge Braziliaanse vrouw hebben we de afgelopen weken al vaker gezien. Ook de jonge hospitalero is dolenthousiast. Hij tapt meteen een pilsje. Hij ziet dat we daaraan toe zijn!! In de refugio kunnen we ook eten en morgenvroeg ontbijten. Dus dat doen we ook. Nu nog een wasje en even het dorpje verkennen!! Vanavond weer op tijd naar bed, want morgen wacht ons weer een zware klim naar O Cebreiro!!


Ons overnachtingadres:
 
Albergue Do Brasil: Zo'n 500 mtr. voor  Vega de Valcarce. Een bijzonder verblijf hebben we hier gehad. Heel hartelijke hospitalero. Diner s'avonds samen was geweldig. Een hoogtepunt voor ons. 





Vega de Valcarce-Hospital de Condesa 18 km

De hospitalero zwaait/belt ons uit.  /  Richting O Cebreiro
De hospitalero zwaait/belt ons uit. / Richting O Cebreiro
Maandag 29 mei.


Mistflarden!


Eerst nog even iets vertellen over het cena (diner) in refugio de Brasil. Er was namelijk een gezamenlijke maaltijd. Om 20.00u werd gegeten. We zaten met 14 personen aan tafel: de Braziliaanse hospitalero, nog 3 andere Brazilianen, een Italiaan, 4 Nederlanders, 3 Duitsers, een Canadees en een Amerikaanse. (vanaf Roncesvalles zien we deze leuke meid geregeld) Alvorens te eten geeft de hospitalero aan dat het gebruik is binnen deze refugio om voor aanvang van het diner zich voor te stellen en te vertellen wat de Camino voor jou betekent. Het is mooi al die, korte, impressies van andere pelgrims te horen. Echt heel bijzonder! Ik(Thea) zit naast een Braziliaan die heel boeiend kan vertellen. Ger zit langs een Duitse vrouw uit Beieren. Een heel aardig iemand, die we al vaker gezien hebben. Na een lekker diner (Braziliaanse kost: een soort chilie con carne met gemengde salade) begint de Italiaan ook nog te zingen. Dan is het inmiddels 21.45u. Wij vinden het welletjes en gaan naar bed. Vanmorgen is de ontbijttafel fijn gedekt en schuiven we om 06.30u aan. Rustige muziek op de achtergrond. Om 07.00u vertrekken we. De hospitaleros nemen hartelijk afscheid. Aan de voordeur hangt een bel en hiermee worden we uitgeluid. Dit gaat door totdat we uit zicht zijn. We kijken nog even om en hij staat nog te zwaaien. We zwaaien terug en weg zijn we.

We lopen door enkele slaperige, oude dorpjes. Leuk om te zien, maar meer dan enkele koeien, honden en een boerin die wakker zit te worden op een stoepje zien we niet. Na het dorpje Las Herrerías-Hospital Inglés (alleen de naam al!) begint een stijging naar het bergdorpje La Faba. We lopen door een prachtig loofbos over een goed bewaard gebleven grof geplaveide oude pelgrimsweg. Heel bijzonder te weten dat hier honderden jaren geleden ook al pelgrims liepen. In La Faba drinken we een kopje cafe con leche en beginnen dan aan de sterke stijging naar O Cebreiro. Het is lekker warm weer en de omgeving is een waar plaatje. Zo machtig mooi!! Na het gehuchtje La Laguna lopen we de streek Galicië binnen. Hogerop zien we tussen de bergen mistflarden hangen. We lopen door naar boven en ineens, uit het niets, lopen we in de nevel. Dit is zo'n speciale ervaring. Het is meteen ook kouder. Het doet een beetje spookachtig aan. Alsof de geesten van vele pelgrims hier rondwaren!! Even later is het weer prachtig zonnig.

Maar dan komen we aan in O Cebreiro en hier is het steenkoud en heel mistig!! De uitzichten schijnen hier ook heel bijzonder mooi te zijn, maar helaas! O Cebreiro is een heel leuk klein dorpje. Maar erg toeristisch. Hier komen we zelfs een Belfeldse fietser tegen!! (banknummer ken ik niet, doet de Camino dat??) We bekijken het dorpje, drinken koffie en een stuk koek en gaan dan weer verder. Hier komen we uit boven de wolken. Wij lopen in de zon en beneden ons hangt de mist. Wat een magnifiek gezicht. Ger heeft er mooie foto's van gemaakt. Na het dorpje Linares komen we op de Alto de San Roque. Hier staat een metalen pelgrimsbeeld, dat een pelgrim voorstelt die worstelt tegen wind en regen. We naderen het gehuchtje Hospital de Condesa.(23 inwoners!!) We besluiten hier te overnachten. Later zitten we op een terrasje bij onze hostel en komt een man aan met 3 koeien die hij naar de wei brengt. We komen aan de praat en het blijkt dat hij ruim 30 jaar geleden 25 maanden in Nederland gewerkt heeft.  Maar zijn koeien lopen de verkeerde kant op, dus hij heeft geen tijd om verder te praten. Even later komt hij terug en kletsen we wat.  Hij in gebrekkig Nederlands, wij in gebrekkig Spaans, maar het gaat goed!! We begrijpen elkaar.

Ons overnachtingadres:
 
Meson O Tear. Casa rural met mooie kamer en lekker eten.


page loading